Lokaal werk & geschiedenis

De Lierse N-VA is de erfgenaam van een lange en rijke geschiedenis. Onze stad kent immers een lange traditie van democratisch en volks Vlaams-nationalisme. De liefde voor hun streek en taal is van oudsher sterk geworteld in de hoofden en harten van de Pallieters.

Toen na de Belgische Revolutie in 1830 Vlaanderen werd verfranst kwam het meeste verzet hiertegen niet toevallig uit Lier. Terwijl alle Vlaamse gemeenteraden in het Frans vergaderden bleef op het Lierse stadhuis het Nederlands de voertaal. Met Georges Bergmann kwam zelfs een orangistische burgemeester aan de macht, die de afscheuring van Nederland openlijk betreurde. De Lierenaars waren niet vergeten dat bij de verovering van Lier door Waalse milities de Nederlandse familie De Heyder hun textielfabriek hadden moeten verlaten, wat een economische ramp betekende voor de stad. De door de Nederlandse koning opgerichte Normaalschool werd door het Belgische bewind meteen gesloten: Nederlandstalige leerkrachten zag men immers niet graag afstuderen in het nieuwe “Belgique francophone”.

De verfransing van Vlaanderen was vooral het gevolg van de zwakke positie van het Nederlands, dat door de maatschappelijke elite beschouwd werd als een onverstaanbaar boerentaaltje. Heel wat Lierse culturele iconen gingen hiertegen in het verzet en ijverden voor de promotie van het Nederlands als volwaardige cultuur- en bestuurstaal. De terug opgerichte Normaalschool speelde daarin een belangrijke rol. Jan-Frans Willems, de “vader van de Vlaamse Beweging”, studeerde hier en bracht vele jaren door in Lier. Ook zijn vriend Kanunnik Jan Baptist David, naar wie de Kanunnik Davidlaan werd vernoemd, was een verwoed Nederlands “taalminnaar”.

In het begin van de twintigste eeuw kreeg het Lierse flamingantisme een meer politiek karakter. De politieke en sociale achterstelling van de Vlamingen door de Belgische staat werd steeds feller bestreden door Vlaamsgezinden uit alle politieke strekkingen. De Eerste Wereldoorlog was voor velen een keerpunt: jonge Lierenaars die naar het Ijzerfront trokken ontdekten daar dat ze als Vlamingen voor het land dat ze verdedigden nog steeds tweederangsburgers waren. Terug thuisgekomen richtten ze onder de vleugels van dokter August Laporta in Lier één van de eerste afdelingen van de Frontpartij op, die haar democratische en pacifistische idealen koppelde aan een uitgesproken Vlaams-nationalisme. De gevestigde machten zagen hen niet graag komen. De katholieke burgemeester van Lier, Jozef Schellekens, liet in 1924 zelfs een vreedzame betoging uiteenranselen van de Vlaamse Oudstrijders (VOS). Het bekwam hem slecht: met de steun van Felix Timmermans en vele andere vooraanstaande flamingantische Lierenaars behaalden de Vlaamsgezinden bij de gemeenteraadsverkiezingen van 1926 meer dan 20% van de stemmen. Hiermee doorbraken ze bijna vijftig jaar Katholieke hegemonie in Lier.

Na de Tweede Wereldoorlog kende het Vlaams-nationalisme een moeilijke tijd. De autoritaire ontsporing van een deel van de Vlaamse Beweging werd zwaar bestraft tijdens de repressie. In Lier maakte de gevestigde orde hier misbruik om zich voor eens en altijd te verlossen van de Vlaamse luis in hun pels. Zelfs Vlaamsgezinde schrijvers met internationale naam en faam als Felix Timmermans en Ernest Van der Hallen werden zwaar aangepakt en hun reputatie besmeurd. Het Lierse Vlaams-nationalisme bleek echter taai: al in 1954 was er een werking van de Vlaamse concentratie. In 1961 werd dan voor het eerst een Lierse afdeling van de Volksunie (VU) opgericht. De Volksunie streefde op democratische wijze naar een zelfstandig Vlaanderen in Europa.

Historiek VU Lier

In 2001 hield de Volksunie op te bestaan. De Lierse afdeling koos met volle overtuiging voor de Nieuw-Vlaamse Alliantie (N-VA), de enige echte opvolger van de VU die koos voor een zelfstandig Vlaanderen in Europa. Het democratische, moderne en toekomstgerichte Vlaams-nationalisme had met de N-VA opnieuw een waardige vertegenwoordiger in Lier.

Er werd werk gemaakt van de uitbouw van een sterke en verjongde Lierse N-VA-afdeling. Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2006 kwam de partij op in kartel met CD&V. Frank Boogaerts werd als gemeenteraadslid herkozen en werd de eerste Lierse N-VA-schepen. Tot 2009 was hij schepen van Financiën, Begroting en Lokale Economie. In januari 2009 werd de N-VA-fractie versterkt met Rik Verwaest. In de OCMW-raad verdedigden achtereenvolgens Bob Van Ouytsel en Bert Wollants de N-VA-kleuren.

De grote doorbraak voor de N-VA kwam er met de federale verkiezingen van juni 2010. De N-VA haalde in het kanton Lier een monsterscore van 28% en werd afgetekend de grootste partij. De sterke Lierse afdeling werd beloond met twee nationale verkozenen: Bert Wollants in de Kamer en Frank Boogaerts in de Senaat.

In oktober 2010 kwam er na drie jaar een einde aan het gemeentelijke kartel CD&V/N-VA. Het verbreken van de verkiezingsbeloften en het standpunt bij het referendum over de Grote Markt waren er voor de N-VA teveel aan. Zij verliet de Lierse coalitie en verdedigde, trouw aan het gegeven woord aan haar kiezers, haar programma vanuit de oppositie.

De Lierenaars konden die rechtlijnige houding van de N-VA zeker smaken. Met een sterke lijst, een goed programma en een opvallende campagne stevende de partij af op een historische overwinning. Op 14 oktober 2012 werd N-VA in één klap de grootste partij van de stad, met een ongeziene score van 32% en twaalf verkozenen. Lijsttrekker Frank Boogaerts werd met meer dan 1800 voorkeursstemmen de populairste politicus van de stad en mocht terecht de burgemeestersjerp omgorden. Vijf N-VA-schepenen vergezelden hem in het schepencollege. Lier en Hooikt kozen resoluut voor de kracht van de verandering!

N-VA stak zich niet weg en nam meteen haar verantwoordelijkheid. Met OpenVLD werd snel een stevig bestuursakkoord gesloten, want de nieuwe coalitie kreeg een zware uitdaging voor de boeg. De komende zes jaar moet er een enorm financieel tekort worden gedicht, gegraven door de vorige bestuursploeg. Voor de Lierse N-VA-ploeg worden het moeilijke, maar uitdagende jaren.

Kort nog een historisch overzicht van alle gemeenteraadsleden en schepenen tot dusver:

1965: 1 gemeenteraadslid: Vergauwen Silvain Henri (opgevolgd door Mevr. Bouwens – Van
          Dessel)
1971: 3 gemeenteraadsleden: Bouwens Hendrik, Peeters Antoon, Verbist Jan (opgevolgd
          door Boogaerts Frank)
1977: 5 gemeenteraadsleden: Bouwens Hendrik, Van Bouwel Frans, Andries Jan, Van Roy
          Marcel (opgevolgd door Boogaerts Frank), Baetens-Luyckx Marcella
1983: 5 gemeenteraadsleden, waaronder 2 schepenen: Andries Jan (schepen), Baetens-
          Luyckx Marcella (schepen), Lachi Frans, Cools Paul, Goris Jozef
1989: 3 gemeenteraadsleden, waaronder 2 schepenen: Andries Jan (schepen) (opgevolgd
          door Goris Jos), Hauwaert Jan (schepen) en Roger Van den Eynde
2001: 1 gemeenteraadslid: Boogaerts Frank
2007: 2 gemeenteraadsleden, waaronder 1 schepen: Boogaerts Frank (schepen 2007-
          2010), Verwaest Rik (in opvolging van Rita Van den Bulck (CD&V)) 

2012: 5 schepenen, 6 gemeenteraadsleden (zie: wie is wie)

Het overzicht van de nationale mandatarissen van VU/N-VA Lier-Koningshooikt:
1968: 1 senator: Bouwens Edgar (VU)
1972: 1 senator: Bouwens Edgar (VU)
2010: 1 senator en 1 kamerlid: Boogaerts Frank (senator) en Wollants Bert (kamerlid) 

De OCMW-raadsleden van VU/N-VA Lier-Koningshooikt:
1972 - 1989: Dillen Louis
1977 - 1987: Alaers Maurice
1988 - 1989: Van Ouytsel Bob
1989 - 1994: Lachi Frans
2007 - 2009: Van Ouytsel Bob
2010 - 2012: Wollants Bert

2012 - heden: Marc Franquet, Jenny Van Damme, Robert Van Ouytsel, Ilse Van Wichelen